Met de komst van de Industriële Revolutie in de negentiende eeuw werd de drinkwatervoorziening een probleem. Er kwamen steeds meer mensen en er kwam steeds meer vervuilende industrie.
Ziek van water
Het rivierwater werd steeds smeriger en water drinken werd gevaarlijk. Je kon er ziek van worden of er zelf aan doodgaan. In dichtbevolkte steden heerste regelmatig cholera. Deze ziekte zorgde voor hoge sterftecijfers.
Gegoede burgers
De gegoede burgerij zag het probleem niet zo. Zij hadden genoeg geld om water uit schone gebieden over te laten komen. Ze vonden dat die ziekten meer te maken hadden met losse zeden en drankmisbruik. De overheid vond dat het een zaak was van de mensen zelf. Ze moesten het zelf maar oplossen.
Eerste waterleidingen
De eerste waterleidingen in Nederland ontstonden op particulier initiatief. Tegelijkertijd begon men te begrijpen dat de drinkwatervoorziening en het riool gescheiden van elkaar moesten blijven. In het begin was het moeilijk om iedereen ervan te overtuigen een aansluiting op de waterleiding te nemen. Het kostte namelijk geld. Arme mensen kozen voor vervuild, maar gratis, water uit sloot of gracht.