Door de forse afmetingen in het vlakke Hollandse landschap beschouwden de waterleidingmaatschappijen de watertoren als hun visitekaartje. De technische ontwikkeling heeft geleid tot steeds vernuftiger reservoirtypen waardoor steeds slankere draagconstructies mogelijk werden. Vrijwel alle architectuurstromingen hadden elk hun eigen opvatting over het uiterlijk. Dat heeft een unieke verzameling torens opgeleverd.
Niet allemaal in werking
In Nederland zijn vanaf 1856 zo’n 260 watertorens gebouwd. Daarvan zijn er zo’n 175 bewaard gebleven. Van deze 175 torens wordt nog maar de helft gebruikt voor wateropslag en waterdruk. De druk op de leidingen wordt steeds vaker gemaakt met pompen. Veel watertorens komen nu alleen nog in actie als de pompen uitvallen. Dan is de voorraad in de toren nog achter de hand.
Een tweede leven
Het aantal werkende watertorens zal de komende jaren verder afnemen. Maar een watertoren afbreken doen we niet graag in Nederland. De torens zijn vaak een geliefd onderdeel van het landschap. Veel watertorens staan zelfs op de monumentenlijst. Daarom krijgen sommige torens krijgt een tweede bestemming. Bijvoorbeeld als museum, kantoor of restaurant.




